Muziek: de zijden snaren van de oosterse route

Zoals ik in De Andalusische bakermat en de snaren der harten een muzikale rondreis maakte met de Middellandse Zee als middelpunt, zo kunnen we ook oostwaarts trekken, via pak ‘m beet de noordelijke Zijderoute (dwars door Centraal Azië). En zoals toen de oud onze gids en leidraad was, kan nu de tar die vormen. Een andere rode draad om ons gebied even af te bakenen vormt die van de Turkse volken, aangezien zowel landkaart als muziek van hun aanwezigheid doortrokken zijn.

de oud en de (du)tar in relatie tot de luit


Beide snaarinstrumenten vormen loten aan de stamboom van de luit. Over de geschiedenis van de luit via Andalusië vermeldt De Geïllustreerde Encyclopedie van Muziekinstrumenten: “De voorlopers van de Europese luit gaan terug tot 2000 v.C. en komen uit het Midden-Oosten en Verre Oosten. Het instrument werd rond de 8e eeuw via Spanje naar Europa gebracht, door de Moren en Saracenen. [..] De populariteit van de luit bereikte in de 16e eeuw zijn hoogtepunt; tegen de tweede helft van de 18e eeuw was hij verdrongen door de gitaar en de piano.” Onder het kopje van de (o)ud vermelden zij bovendien:

“Arabische musicologen hebben de karakteristieken van de verschillende instrumenten in de luitfamilie bestudeerd – de Chinese p’i p’a, de Japanse biwa, de Vietnamese tiba, enz. – en ontdekten niet alleen dat zij verwant zijn aan de ud, maar ook hoe zij zich hebben kunnen verspreiden. Aan de ene kant kwam dit door de Perzische arbeiders die meewerkten aan de bouw van Kaaba. Aan de andere kant werden zij verspreid door zee- en kooplieden wier routes door Zuidoost-Azië en Noord-Afrika voerden. De eerste muzikant die de ud bespeelde zou een zekere Saib Hasir zijn, in de 1e eeuw. Hoewel nooit bewezen, is deze legende belangrijk omdat de ud niet alleen de voorloper van de Europese luit is, maar ook van Arabische tokkelinstrumenten.”

Terwijl de oud met zijn korte, afgebogen hals veel lijkt op de Europese luit, heeft een tar – naar verluidt een perzisch woord – een hele lange steel, met snaren tot ruim een meter. Waar de dutar, een exemplaar met slechts 2 snaren, wel dat buikige heeft, lijkt de tar met zijn klankkast in de vorm van een acht meer op onze gitaar. Beide zijn zeer algemeen in het hele gebied en doen denken aan de saz uit de Kaukasisiche regio. Ook ten oosten van de route bespeelt men langstelige instrumenten die onder de noemer ‘luit’ vallen, getokkeld worden bespeeld en karig voorzien zijn van snaren. (Zie bv. onder de muziek van Centraal Azië en Tuva.)

Turkse toefjes


Niet alleen de geschiedenis van de muziek gaat ver terug en kan ons heden ten dage soms wat verwarring bezorgen omtrent zaken als wanneer en waar naartoe, maar met name de volkeren zelf weten vaak niet meer zo goed waar ze vandaan kwamen. Zo schrijft Eildert Mulder in Trouw dat veel van die vrij nieuwe onafhankelijke staten uit het zuiden van de voormalige Sovjet Unie zich bij Turkije hebben gemeld als zijnde hun moederland. Die haastte zich natuurlijk om erop te wijzen dat de bakermat van alle Turken helemaal aan de andere kant ligt, in Oost-Turkestan!

Een interessant verhaal, want blijkbaar was iedereen het bestaan van die ‘andere Turken’ vergeten – terwijl de talen zo verwant zijn dat men elkaar kan verstaan. Zich tot Oost-Turkestan wenden gaat moeilijk, want dat bestaat niet. Het is het gebied genaamd Xinjiang, waar de Oeigoeren wonen die zich vooral de laatste tijd nogal roeren onder het Chinese bewind. Waar de andere staatjes eindigend op ‘~stan’ al niet vaak in de picture komen, weten we van Oeigoeren pas echt weinig – en we zijn dus niet de enigen… (Wat me echter pas werkelijk duister is, is wat ik me bij de republiek Jakoetië moet voorstellen. En toch bestaat die wèl.)

Te oordelen naar wat er op muziekgebied voorhanden is (live en via internet), zijn het in het algemeen vrij moderne landen met een muziekproduktie die zelfs een beetje teleurstelt door zijn herkenbaarheid. De invloed van populaire Turkse muziek is vaak onmiskenbaar, zoals in de liedjes van Yulduz Usmanova uit Oezbekistan, een van de eerste spelers op de wereldmuziekmarkt uit die regionen. Maar naast het standaardgerecht zijn er – net als bij de Andalusische bakermat – verrassende smaakmakers te vinden in de diverse genres (populair, folk en crossover). We volgen hetzelfde stramien als toen: u krijgt 3 heel verschillende voorproefjes voorgeschoteld.

  • Turkmenistan: Ashkhabad

Allereerst de perfecte bruiloften- en filmmuziek – groots en meeslepend – van Ashkhabad, uit de gelijknamige hoofdstad van Turkmenistan. Zanger en tarspeler Atabai Tsharykuliev en de fenomenale percussionist Khakberdy Allamuradov worden aangevuld met de vertrouwde combinatie van viool, clarinet en accordeon. Atabai, liefhebber van zowel hardrock als traditionele muziek, kwam eind jaren 70 nauwelijks aan de bak omdat de Russische autoriteiten zijn repertoire ‘te islamitisch, te religieus’ vonden. Helaas is onderstaande videoclip een instrumentaal nummer, maar het mag toch hooguit folkloristisch heten. Sinds 1985 toen het regime versoepelde is hij weer ’s lands populairste zanger.

Bayaty door Ashkhabad, van de cd City of Love
klik hier voor een impressie van het gehele album
Ashkhabad – Keçpelek (live)

  • de dutar in Oost-Turkestan

Ondanks de relatieve onbekendheid in de vorm van een niet zo denkbeeldig ‘ijzeren gordijn’ van onzichtbaarheid, laat youtube ons na het intikken van de zoekterm ‘Uyghur’ ontelbare tv-shows zien van Oeigoerse supersterren à la Yulduz (en eveneens steevast rijkelijk gelardeerd met een ballet in klederdracht). Wat mij het meest aansprak is de folkmuziek uit de regio Hotan, met ook een boeddhistische traditie. Zie verder de zeer informatieve websites van London Uyghur Ensemble en Compound Eye. Voor Nederland is Kamil Abbas een bekende artiest, dankzij VPRO’s Wandelende Tak.

playlist van dutar-muziek (vnl. uit Hotan)
twee nummers (1 en 2) van Abdurehim Heyit

  • Tuva: Huun-Huur-Tu

Ondanks (of juist vanwege) hun exotische uiterlijk en dito instrumenten blijkt de muziek van Huun-Huur-Tu zich bij uitstek te lenen voor toepassing in ambient electronische muziek, zoals hun jongste samenwerking met producer Carmen Rizzo laat horen. Het heeft tempo en is toch heel relaxed, als paarden die over de uitgestrekte steppen trekken – wat niet in de laatste plaats aan de sound van de doshpuluur te danken is. Er zijn legio videoclips met hun traditionelere werk in omloop, maar ze hebben zich ook altijd gretig op allerlei gastoptredens over de hele wereld gestort, waarvan akte.

Waar Tuva, dat tegen Mongolië aan ligt, vooral beroemd om is, dat is de keel- of boventoonzang. Door een speciale techniek is het mogelijk om 2 of 3 geluiden tegelijk te produceren (vanuit 1 keel) die meerdere octaven uiteen liggen. Ondanks het bakerpraatje dat het bij vrouwen onvruchtbaarheid zou veroorzaken, omvat de Tuvaanse music scene tegenwoordig florerende acts als Shu-De en Sainkho Namtchylak. Verder zijn Chirgilchin (vrij traditioneel) en Yat-Kha (punk/metal) aan te bevelen.

Eternal Huun-Huur-Tu ft. Carmen Rizzo (van de homepage van HHT)
jammend met Tony Levin in Goatika’s Creative Lab (z.o. linklijst)
Fly, Fly my Sadness Huun-Huur-Tu ft. Angelite (Le Mystère des Voix Bulgares)

Tot slot de solo-escapades van Kongar-Ol Ondar, zowel traditioneel als experimenteel

Advertenties

Muziek: de Andalusische bakermat en de snaren der harten

Het snaarinstrument de oud geldt als de voorloper van de luit en de flamencogitaar, die eveneens (van oorsprong) fretloos en dubbelsnarig zijn. Ook de mandoline en de saz, die samen weer de bouzouki voortbrachten, zijn er indirect mee verwant.

Vanuit Al-Andalus en via de berbermuziek heeft zij grote invloed uitgeoefend op de muziek van (niet alleen het Midden-Oosten maar) een aanzienlijk deel van onze aardbol. Ook de (joodse) sefardische muziektraditie heeft veel aan het ontstaan van deze smeltkroes bijgedragen en put er nog steeds uit.

De hedendaagse oud heeft 11 snaren (5 dubbele en 1 enkele) en wordt bespeeld met een plectrum. Hieronder 3 wereldnummers om te illustreren welke verschillende kanten je daar allemaal mee op kan.

1 oud is geen oud: Ya Rayah en Rachid Taha


Uit de Andalusische muziektraditie is onder andere de raï-muziek voortgekomen. Raï kenmerkt zich doordat het lied, de zang en de persoon van de zanger het meest op de voorgrond treden. Onder de Grote Drie (naast Faudel en Cheb Khaled) neemt Rachid Taha de plaats in van het ruwe bolster-type – de Franse Jacques Brel zeg maar.

Taha maakte van de Algerijnse moderne klassieker Ya Rayah een wereldhit, later weer gecoverd door de Griek George Dalaras samen met het orkest van het Servische wonderkind Goran Bregovic. Waar Ya Rayah over reizen en heimwee gaat is Ki An Se :Felo (:f = th) een liefdeslied – maar je hoort het er niet aan af…

Waar blijft nou de oud? Ze is maar in haar eentje en verzuipt een beetje in de algehele onstuimigheid en de overdadige orchestratie, maar heeft haar momenten. Wat dat betreft kwam haar rol beter tot z’n recht in de bouzouki-versie van Dalaras. Ook het Orchestre Andalou d’Israel (jawel!) heeft een versie opgenomen, in het arabisch.

2 oud is al een heleboel oud: DuOud en Mehdi Haddab

Voor Mehdi Haddab, die evenals Taha Algerijnse wortels heeft, draait alles om de oud. Ik maak me er hier lui en dankbaar vanaf met de lovende woorden van de Womad-site en een paar linkjes (maar niet vooraleer nog even vermeld te hebben dat Speed Caravan (zie muziek-linklijst) deze zomer op het festival Mundial optreedt):

If you’ve never regarded the oud – the fretless lute at the core of so much traditional Arabic music – as a rock’n’roll instrument, then you’ve clearly never heard Speed Caravan or the frenetic and joyous playing of Mehdi Haddab. Once part of Parisian-based global electronica trio Ekova and then half of the experimental oud duo DuOud with Jean-Pierre Smadja, to call Haddab the Jimi Hendrix of the electric oud would, of course, be a hopeless cliché. But it’s not that far from the truth. Now working as Speed Caravan with bassist Pascal Teillet and former Ekova electronic beat mistress Hermione Frank, the Algerian-French trio create music that references The Cure and The Chemical Brothers alongside Algerian rai and other Arabic influences in a glorious collision of global sounds and styles. Their debut album Kalashnik Love features guest appearances by Rachid Taha and members of Asian Dub Foundation.

In DuOud, dus, ontmoeten twee tot de tanden gewapende oud-spelers elkaar in een opzwepend duel – Haddab en de al even vingervlugge Smadja. Aangezien ik echt niet kiezen kon, hierbij zowel het nummer Zanzibar als The Chase, een cover van Giorgio Moroder (en het thema van de film Midnight Express):

3 oud is geen eitje! Trio Joubran meets … Jim Morrison??

Het Trio Joubran bestaat uit drie Palestijnse broers met een klassieke inslag. De combinatie van maar liefst drie ouds is bepaald geen sinecure, en is dan ook uniek. Er wordt knap geïmproviseerd en geen uitvoering is dan ook hetzelfde. In een live-opname van het nummer Safar (‘Travel’) gaat Samir na een kleine twee minuten over in een bekend thema, dat te boek blijkt te staan als de ‘al Astorius sentence’: ‘Dezelfde zin komt voor in ‘Spanish Caravan’ van The Doors. Niet alleen in de Arabische muziek vormt hij een klassieker, ook in de flamenco is het een oude bekende.’ (bron)

– Asturias
Update: Het is ook bekend als Leyenda van Isaac Albéniz. De wiki-entry daarvan werpt enig licht op de naamgeving (naar Asturia(s), een Spaanse streek) en vermeldt nog een aantal andere bekende toepassingen, zoals in Eight Miles High van Roger McGuinn.

  • Safar door Le Trio Joubran
  • Spanish Caravan door The Doors
  • Leyenda door John Williams (flamencogitaar)
  • – Asturias door de flamencogroep van Carlos Saura (cello en voetenwerk)

zie ook: Everything You Ever Wanted To Know About… ALBÉNIZ’S LEYENDA (Preludio-Asturias)

Lamma Bada
Update 2: een ander bekend werk dat Samir Joubran graag ten gehore brengt en dat zijn oorsprong vindt in Andalusië, is Lamma Bada. Het is een arabische muwashah die minimaal uit de 14e eeuw stamt, maar door sommigen zelfs aan Ziryab wordt toegeschreven. Alhoewel de melancholie er vanaf druipt, handelt de tekst over een wiegende dame. De uitvoering door het Spaanse Radio Tarifa – die ik zelf prefereer – is echter een ode aan ‘la tristeza’.